Boomschijf, geschiedenis van Geluwe van aanplant tot kap
Hij werd in 1930 geplant ter gelegenheid van de 100e verjaardag van Belgiës onafhankelijkheid en werd daarom Vrijheidsboom genoemd. Dat de Geluwnaren toen een rode beuk verkozen en die op deze plaats plantten, was niet toevallig.
Vijfentwintig jaar eerder, in 1905 vierde Geluwe al eens de 75e verjaardag van Belgiës onafhankelijkheid. Toen ging er onder meer een imposant mooie stoet uit met meer dan 750 uitvoerders die de geschiedenis van België uitbeeldden. Op één van de praalwagens stond een jonge rode beuk, die de vrijheidsboom werd genoemd.
Op het einde van de stoet werd het slanke boompje van zijn wagen gehaald en naar het kerkplein gebracht. Terwijl burgemeester Louis Soete het plantte luidden al de klokken,knetterden er geweerschoten en schalden er trompetten. En toen de massa de “Brabançonne” zong, steeg een luchtballon de wolken in. Waar die boom van 1905 op het kerkplein precies geplant werd, weten we niet. Wel dat de Eerste Wereldoorlog negen jaar later uitbrak en Geluwe in een ruïne herschiep. Ook de vrijheidsboom ging verloren.
In 1930 vierden de Geluwnaren de 100e verjaardag van België. Opnieuw met een stoet. Maar nu met veel minder praal. Zoals 25 jaar geleden plantten de Geluwnaren, met onder meer Petrus Vanneste van café ’t Zwijntje, wel opnieuw een vrijheidsboom bij de kerk en kozen ze opnieuw voor een rode beuk.
De beuk is een boom die 200 tot 400 jaar oud kan worden en daardoor geliefd is als herinneringsboom, geboorteboom of jubileumboom. Onze boom had dus gerust nog een paar eeuwen verder kunnen leven, maar het lot besliste hier anders over. Een kleine halve eeuw geleden was hij al bedreigd in haar gezondheid. Onder meer door de friet, die bij de Belg al even geliefd is als zijn onafhankelijkheid.
“Jammer dat we het frituurkraam niet kunnen wegdenken”, schreef meester Hugo Driessens al in juni 1976. “Wij houden ons hart vast als we zien hoe de schouw haar dampend frituurvet en verbrand butaangas spuwt in de kroon van een prachtige rode beuk. […] Helaas, hoe lang zal hij het nog uithouden?”
Meester Hugo’s vraag kreeg veertig jaar later een antwoord. In 2015 werd de rode beuk ziek verklaard. Niet alleen frituurdamp en butaangas bleken hiervan de oorzaak te zijn. Door de verharding onder en rond het frietkraam vloeide meer dan 90% van het regen- en oppervlaktewater weg naar de riolen in plaats van naar de wijdvertakte altijd dorstige boomwortels.
Het stadsbestuur ondernam toen een lovenswaardige reddingsactie door 46 vierkante meter van de betegeling en de fundering van het frietkraam te verwijderen. In de vrijgekomen ruimte werd teelaarde gestort en konden afgevallen bladeren composteren. Het kraam verhuizen zagen de eigenaars echter nog niet onmiddellijk haalbaar.
Mettertijd verdween het frietkraam toch, maar de boom bleef ziek. Ook de klimaatverandering speelt een belangrijke rol in het afsterven van de monumentale rode beuk. In België worden we steeds meer geconfronteerd met langere periodes van droogte en veranderende neerslagpatronen. Veel loofbomen en zeker ook de beuk zijn hier gevoelig aan.
Steeds meer oogde hij met zijn kaal geworden kop triestig en dreigden zijn takken bij stormweer af te breken. Uiteindelijk besliste het stadsbestuur de rode beuk te kappen. Via een digitaal burgerplatform mochten de Geluwnaren mee bepalen welke bestemming zijn hout mocht krijgen, waardoor hij altijd in de herinnering zal blijven.
Bovendien besliste het stadsbestuur dat de rode beuk een nieuwe opvolger zou krijgen. Intussen weten we dat die opvolger een Doornikse zilverlinde is geworden. Volgens boomverzorger Jorry Berghe kan deze soort linde op deze plaats en onder meer omwille van de klimaatverandering een hogere ouderdom bereiken dan onze rode beuk.
Dat het een Dóórnikse zilverlinde is, klinkt een Geluwnaar historisch goed in de oren, want onze oudste Geluwse parochie behoorde eerst eeuwenlang tot het bisdom Doornik.
Uit de rode beuk aan de kerk werden in de periode 2023-2025 prachtige een duif en decoratieve objecten gehaald, alsook de boomschijf aan het gemeenschapscentrum Gilwe. Zo kreeg “De vredesduif”, gecreëerd door Bert Gardyn, een plaats in de Sint-Dionysiuskerk en werden tientallen decoratieve objecten, gemaakt door Sooi Valcke, te koop aangeboden, als aandenken aan de prachtige boom die jarenlang het centrum van Geluwe sierde.
De boomschijf die we hier zien vertelt enkele kernmomenten uit het verhaal van de geschiedenis van Geluwe, van de aanplant van de rode beuk in 1930 tot de kap in 2022. Het is een realisatie van leerlingen van het VTI Sint-Lucas in Menen onder leiding van Dirk Colpaert, Didier Sirjacobs
Quinten Messelis en Christophe Verhaeghe.
Info: Dirk Decuypere, korte aanvulling Marc Devroe, Bercy Slegers